daaf heeft een knopje geplakt op de stam van de boom in de klas.
Nog even en hij gaat volle dagen naar school.
Dus we gaan er nog even van genieten morgen. Met mama op avontuur dat is wel een standaard zinnetje geworden.. expoditie zegt knorretje dan tegen poehbeer. Naar de noordpool.
we zijn naar India geweest en naar Amerika naar Ameland en naar overal colloseum en engelland daar vliegen de engelen over.
Als we op stap gaan dan gaat het soms binnen 15 minuten stormen. 'mama ik moet plassen'.. zucht.. oke middenop het plein kan echt niet.. we hebben weleens een boom op een kerkhof water gegeven.. moet kunnen. Maar ja ik weet niet wat of waar je tegen aan moet piezen als je middenop.. dus dan maar even wat drinken..
Dan eindelijk onderweg nog geen 20 minuten laten 'mama ik moet poepen'. tja ik weet niet maar ergens word ik dan chagrijnig.. krijg de neiging een portiek op te zoeken en dat is neit verstandig.. echter om nu weer ergens wat te drinken. waar zijn de openbare tioletten die je in bijna elk frans gehucht zelfs aantreft? onderhouden door de plaatselijke toiletbeambte.. nou niet te vinden. Dus naar huis dan maar want iets drinken wat krijg je dan de volgende 20 minuten sans dout.. juistem en dat is te veel.
in de auto en de bullen pakken en naar zee want daar is de plee vlakbij enn eeh dan bedoel ik niet het water voor de grote boodschap..
dat geldt overigens niet voor de honden. Ik ben dol op honden echter wat ik bijzonder slecht trek is niet opgevoede blaffers.. Die racen zo goed als over mijn kids heen (heb je ook in menselijke uitvoering trouwens) die als verstijfd aan de grond genageld staan of nog erger springen tegen ze op.. zie je het voor je formaat bouvier..of zo'n guppen pup die al volwassen is .. kleffe keffertjes.. brrrr.. en dan zo'n baasje wat langs rent en iets zegt in de trant van; hij doet niets hoor.. 'Ehhh ik hoor een hoop geblaf en wat ie doet is mijn kids de stuipen op het lijf jagen.. als je een hond wil prima graag ook puppie cursus erbij doen..
Dus ik wil inderdaad een hond. Al was het alleen al om die aankomende fobie tegen te gaan.. want ik kan van alles verzinnen echter die beesten zijn niet in te schatten en dan nog je weet ook gewoon niet zeker of ze oke zijn. Enige wat daaf helpt is in zijn buik een soort van vuist maken. heel stevig en dan denken 'ik wil dat die hond weg gaat AF'. En je kijkt naar iets heeeeel anders... Ondertussen keel ik het beest cq baasje bijna met mijn blik...vinden ze NIET leuk.
Ik ben niet bang voor honden.
Bij Daaf werkt een hoop heel goed...als zijn kop er naar staat.... bij Meine niet die wil eerst een gedegen verklaring. Die moet je overtuigen.. als je dat eenmaal rond hebt dan leert ze beren snel. Bij haar moet eerst de knop om. En het tijdstip bepaald ze zelf. Je kunt het wel voelen aankomen zo'n moment.. dat is handig. wat wil je drinken? hier menukaart kies maar uit.. dat kan ik niet lezen? oeps dat word dan lastig zeg.. samen proberen? niet altijd doen dat is irritant. zou ik ook irritant vinden.. je moet het moment voelen.
Op expoditie doen we veel van dat soort spelletjes. Leren maar dan anders.. is stuk leuker... en ze neemt het mee naar school..
Alleen als ik moe ben en last van mijn rug heb is hangen aan mama''s arm echt TE veel.. doet zeer en dat heb ik je al drie keer gezegd. En daarna nog drie keer anders .. en toen boos.
Luisterprobleem. Alsof je niet bestaat.Kinderen zijn een meester in het door je heen kijken en luisteren.. even vergeten is handige respons.. die vlieger gaat echter niet op. oke in je enthousiasme even vergeten snap ik.. alleen is hier nog iets anders aan de hand. Twee kids twee verschillende karakters andere leeftijd (nog daar gelaten dat de jongste genegen is de oudste te volgen) en dit doen ze precies hetzelfde. Mama hoeven we niet te horen als we het niet leuk vinden wat ze zegt.. ehhhh
Want? als je niet luisterd zijn er consequenties.. die zijn er overal toch?
Heb ik de regels niet goed uitgelegd? Ik denk te weten van wel..wat doe ik hier niet goed??? consequenties.. consequent.. tja.. dat zal het zijn.
En dan gaat het snel bergafwaarts met gezelligheid.. ik krom van de zeer en dus niet instaat nog een expoditie te leiden. en als je iets gezegd hebt moet je je er aan houden.. later gaan de nuances tellen.. op deze leeftijd meestal even niet. Of je moet iets heel doms geroepen hebben..
dan rest je niets anders dan bakzeil halen en sorry zeggen.
Dus naar huis. En op de weg erheen een gesprek over samenwerking maar dan anders.
Op het strand lekker relaxt.. mama gaat haar rug strekken en erbij komen liggen helemaal prima ik ga alleen niet lopen en stoeien want dat gaat dus niet..ik heb echt zeer. Dat is nu wel helder.
geen centje pijn meer onderling.. 'mama ik moet plassen en ik ga lekker zelf wel..'
oke toegegeven enig zweet in de bilnaad.. echter bij haar omkijken 2 duimen omhoog.. want.. het is mijn zweet.. zij heeft namelijk nergens last van alle vertrouwen in de wereld, en dat wil ik graag zo houden! Soms vind men dat ik ze te veel los laat lopen.. nou ik vind van niet. Als ze niet bij de vrieskist komen als ze alleen een ijsje gaan kopen weet ik namelijk dat ze hulp vragen.. heb ik stiekum bekeken. Als ze naar de winkel gaan letten ze heel goed op.. achtervolging met hilarische reacties.. tja een moeder die achter auto's wegduikt en bosjes.. en nu heb ik geen stress meer en zij zij zo immens trots dat ze er dus sterker van worden. Zelfstandigheid ontwikkelen.
Zoveel leren dat ik niet eens kan overzien hoeveel..nog niet. Ik toets wat ik denk dat ze kunnen of zelf aangeven te kunnen.. en soms zeggen ze dan dus ook, nee dat kan ik nog niet. Prima. Of ze zeggen ja dat kan ik wel maar ik vind het met z'n tweeen gezelliger.. dan ben ik stil..... wat een ontwikkelsprong.
Alleen dat selectief willen luisteren.. dat is toch iets.. aparts. NOu ja.. sommige worden er oud mee. karaktertrek.. hinderlijk op z'n zachts gezegd. Je word er schor van als je moet blijven herhalen. ik stelde ze in de auto een vraag; geeft mama weleens geen antwoord? ja .. en dat klopt. en als je het me nog een keer vraagt geef ik dan antwoord? ja Dus je krijgt een antwoord toch? ja .. Dus vanaf nu gaan jullie mij ook gewoon antwoord geven als ik wat vraag? Ja.
mooi zo dan zijn we een topteam! high five.
En ik krab me even achter mijn oor.
op expoditie gaan is hardwerken. en ook heel erg leuk.
Mijn kids zijn super en soms onmogelijk en soms ook veeeeeeeel te slim.
Groep rood juf Antoinette/juf Meta
Maandag en dinsdag hebben we de laatste hand gelegd aan de gemetselde huisjes. Dinsdag nog een vouwwerkje en de laatste
huizentekeningen met de foto van de huisdeur. Dit was een knap lastig werkje! Woensdag stond alles mooi tentoongesteld en er
was een grote opkomst. Juf Linda heeft mooie foto’s gemaakt, binnenkort op de site te bekijken.
Maandag kregen we er een nieuw vriendinnetje ‘ Meine ‘ bij. Ze is verhuisd en zit in groep 2. Wij wensen haar allemaal veel
plezier bij ons op school!
Donderdag mochten de kinderen de hele dag spelen, zonder verplichte werkjes. Die hadden ze nu wel even genoeg gedaan!
Vrijdag hebben we genoten van een geweldig Wilgentheater. Voor sommige kinderen was dit de 1e keer, dus best wel spannend.
Woensdag is het voorjaarsontbijt en daarom is er vanaf vrijdag gewerkt aan een . . . . . . . .
Donderdag t/m maandag zijn alle kinderen vrij. Alvast fijne paasdagen!
DE PERENBOOM VAN MIES EN MUK
Faithcompany.nl
Mies en Muk zijn allebei oma en allebei al heel erg oud. Hoe oud ze precies zijn dat zijn ze vergeten. Dus als ze hun verjaardag vieren weten ze niet hoeveel kaarsjes er op de taart moeten,en dat vinden ze eigenlijk wel best. Mies en Muk lopen allebei een beetje krom en hebben allebei prachtige lange zilverwitte haren. Mies en Muk hebben alle twee rode appelwangen en glinsterende blauwe ogen. Daarmee kijken ze allebei vrolijk de wereld in. Meestal dragen ze lekkere wijde jurken met bloemen erop. Echte oma jurken. Op zondag doen ze dan ook nog een hoedje op. Dat hoort op zondag vinden Mies en Muk. Mies heeft een blauw strooien hoedje met paarse viooltjes en Muk een geel strooien hoedje met rode rozen. Ze wonen in een klein wit huisje met een rood dak. Ze hebben een lekkere grote tuin met een donkerblauw houtenhekje er omheen. Mies en Muk hebben bessenstruiken in de tuin en rozenstruiken en een perk vol met heerlijke zoet ruikende viooltjes. Maar het allermooiste in hun tuin is de oude grote perenboom. Elke zomer buigen de takken van de perenboom onder het gewicht van grote gouden blozende peren. Als de peren rijp zijn komt de kleindochter van Mies en Muk, Roza, samen met wat vrienden en vriendinnetjes helpen met het plukken van de peren. Ze plukken manden vol met peren waarvan de oma’s dan perentaart, perensiroop en perenjam maken. Als oma Mies en oma Muk staan te koken en te bakken ruikt de hele straat naar peren. Heerlijk is dat! Iedereen krijgt wel een potje jam of een fles siroop of een punt van de taarten die ze maken.
In de herfst worden de bruinkoperen blaadjes er door de wind vanaf geblazen. Dan is de perenboom kaal en leeg. In de winter zijn de takken van de perenboom glanzend zwart. Soms worden ze versierd met zachte witte sneeuw. Dat is een prachtig gezicht. Maar in de lente is de boom het mooist. Dat vinden Mies en Muk. Dan zitten er frisse sappig groene blaadjes aan en wolken van de prachtigste witte bloesems.
Het is nu lente en de perenboom zit vol met die mooie witte bloesem. Mies en Muk zitten onder hun perenboom een kopje thee te drinken. Allebei een kopje rozenbottelthee met honing erin en een koekje erbij. Lekkere knapperige krakelingen. Ze genieten van het lentezonnetje en van hun prachtige perenboom. Dan slaakt oma Mies opeens een gilletje; Kijk Muk, zegt ze, er kruipt een rups tegen de stam van de perenboom omhoog. Oma Muk ziet het ook er kruipt een grote dikke groene rups tegen de stam omhoog. Oh Mies dat is niet goed hoor die eet straks alle bloesem op en dan hebben we in de zomer geen peertjes meer, en als we geen peertjes hebben dan hebben we geen perentaart geen perensiroop en geen perenjam! Mies staat op van haar stoel en loopt naar de stam maar het rupsje zit al veel te hoog en Mies is zo krom dat ze er niet bij kan. Ik kan er niet bij Muk wat moeten we nou doen?
Tja oma Muk denkt na terwijl ze naar de rups kijkt die boven in de boom al begonnen is een heerlijk blaadje bloesem op te smikkelen. Hoe krijgen ze die rups er nou uit?Ik ga op een stoel staan, zegt oma Muk tegen oma Mies. Ze stapt op de stoel en die wiebelt gevaarlijk. Pas op hoor Muk, zegt Mies straks val je er nog af. Maar ook op de stoel kan oma Muk niet bij de rups komen die zit veel te hoog. Ik pak de ladder wel, zegt Mies. Muk wacht bij de perenboom op Mies en als de ladder er is zetten ze die tegen de stam van de perenboom. Mies klimt heel voorzichtig voetje voor voetje op de ladder. Als ze helemaal bovenaan staat probeert ze de rups te pakken maar die is nu een bloesem hoger gekropen en ze kan er niet bij.
De hele dag proberen oma Mies en oma Muk iets te verzinnen om de rups naar beneden te krijgen. Mies denkt dat de rups gewoon honger heeft dus dat ze hem moeten vangen met iets lekkers. Ze plukken verse groene sla uit de moestuin en sappige andijvie en leggen die onderaan de stam van de perenboom om de rups naar beneden te lokken. Maar de rups ziet het niet eens en eet vrolijk verder van de zoete bloesems. Oma Muk denkt dat de rups zich misschien verveelt en daarom zoveel eet. Dus pakt ze haar fluit en speelt een prachtig liedje en hoopt dat de rups daardoor zal stoppen met eten en naar beneden zal komen. Maar de rups kijkt niet op of om en eet gewoon verder. Oma Mies en oma Muk worden een beetje moe van het verzinnen en als het avond wordt en zo donker dat ze niets meer kunnen zien gaan Mies en Muk maar naar binnen. Ach, zucht oma Muk, misschien slaapt de rups vannacht wel en dan kunnen we het morgen opnieuw proberen. Of hij gaat naar huis omdat hij uitgegeten is, zegt oma Mies, hoeveel kan zo’n rups nou eigenlijk eten?Ze zijn zo druk bezig geweest met de rups dat ze helemaal vergeten zijn te koken dus eten ze een boterham met ei en spek en gaan naar bed.
De volgende ochtend staan ze zodra de zon opkomt weer onder de perenboom. Daar, zegt oma Muk, daar zit die dikke groene rups nogsteeds. En ja hoor de dikke groene rups zit op een bloesem in de ochtendzon. Hij is van al de bloesem die hij heeft gegeten nog dikker en nog groener geworden en zit al weer heerlijk aan een volgend bloesem ontbijtje. Oma Muk moet er een beetje om lachen. Het is wel een lieve dikzak als je hem zo ziet smikkelen he.
Ja, zucht oma Mies, hij is dan wel leuk om naar te kijken maar ik wil van de zomer wel gouden blozende peertjes hebben om perenjam en perentaart van te maken en lekker perensiroop. Ja, oma Muk knikt, als die rups zo door eet dan hebben ze straks niet alleen geen gouden blozende peertjes meer maar ook geen perentaart geen perensiroop en geen perenjam!
Oma Mies en oma Muk staan onder de perenboom en weten echt niet meer hoe ze de rups eruit moeten krijgen. Dan komt postbode Olle langs. Daag oma Mies, dag oma Muk ik heb een brief voor jullie, zegt Olle terwijl hij druk in zijn posttas graaft. Maar als postbode Olle op kijkt ziet hij twee droevige oma’s staan die onder hun perenboom moedeloos naar boven ziet turen. Tjonge tjonge wat is er aan de hand? Waarom kijken jullie zo droevig, vraagt postbode Olle. Oma Mies en Muk wijzen naar boven naar de rups die inmiddels al minstens drie bloesems heeft opgegeten. Olle er zit een rups in onze perenboom en die eet alle bloesems op en straks hebben we geen bloesems meer over en dan hebben we in de zomer geen lekkere gouden blozende peertjes meer, en als we geen peertjes meer hebben dan hebben we ook geen perentaart geen perensiroop en geen perenjam! Oei! Dat is wel vervelend, zegt postbode Olle. Hij is namelijk dol op de perensiroop van oma Muk. Ik zal eens kijken of ik kan helpen. Hij hangt zijn posttas schuin over zijn bolle buik en rolt zijn mouwen op. Zo, zegt hij vast beraden en schuift zijn postpet naar achteren op zijn hoofd. Olle klimt op de ladder. Maar de rups zit veel te hoog hij kan er ook niet bij. Hij rekt zich uit zo ver hij kan en oei KRAK klinkt het en daar glijdt de ladder weg en hangt postbode Olle aan een arm aan een tak van de perenboom te schommelen. Oma Muk en oma Mies slaken een gilletje. Olle kan zich aan de tak omhoog trekken en daar zit hij dan. Hoog op een tak in de perenboom. Hij houdt zich stevig vast terwijl zijn postpet scheef over zijn rechteroor is gezakt. De ladder ligt in twee stukken op de grond. Postbode Olle was te zwaar voor de oude ladder en hij is er doorheen gezakt.
Olle kijkt angstig naar beneden wat is het hoog! Hij piept, Ehh oma Mies ik eh heb een beetje hoogte vrees. Ojee postbode Olle durft niet meer uit de perenboom te komen. Nu hebben ze EN een dikke groene rups EN een dikke bleke bangige postbode in de perenboom zitten.
Postbode Olle herinnerd zich dat hij een brief van Roza in zijn tas heeft zitten en heel voorzichtig haalt hij die uit zijn posttas en laat hem naar beneden vallen. Roza schrijft dat ze vandaag langs komt om thee te drinken. Misschien kan zij ons helpen met de rups zegt oma Muk. Ja en met de postbode, giechelt Mies zachtjes zodat arme Olle het niet kan horen.
Dan horen ze het fluiten van bakker Panne. Oh, zegt Mies, dat is bakker Panne misschien weet hij hoe we Olle en de rups uit de boom kunnen krijgen?Bakker Panne is wel een beetje verbaast als hij Olle in de perenboom ziet zitten en hij het verhaal van oma Mies en oma Muk over de dikke groene rups hoort. Maar hij maakt zich direct zorgen als ze vertellen dat ze straks geen sappige gouden blozende peertjes meer hebben om lekkere perentaart te maken en perensiroop en peren jam. Bakker Panne krab zich achter zijn oor. Hij moet er niet aan denken dat hij straks geen overheerlijke perentaart van oma Mies kan eten. Zo lekker kan hij ze namelijk zelf niet bakken.
Maar HOE moet hij Olle en de rups nou uit de boom krijgen met een kapotte ladder? Eerst moet de ladder heel. Hij haalt een touw uit zijn bakkerswagen en bindt de ladder weer aan elkaar. Ziezo die is weer heel, lacht hij. Maar bakker Panne is een dikke bolle bakker en veel dikker dan postbode Olle en als hij op de ladder klimt om Olle eruit te halen kraakt de ladder bij elke stap en als hij bovenaan de ladder staat en een tak te pakken heeft klinkt een heel hard gekraak en…KRAK! .breekt de ladder opnieuw. Zijn bakkersmuts vliegt tussen de takken door en bakker Panne hangt gevaarlijk te zwaaien aan een tak. HELLUP Hellup gilt bakker Panne. Zijn geruite bakkersbroek is gescheurd en je kunt zo een stuk van zijn lange rode bakkersonderbroek zien. Postbode Olle vergeet even hoe bang hij is en helpt bakker Panne op een tak te komen door hem aan zijn geruite bakkersbroek naar boven te sjorren. Oef dat ging allemaal maar net goed.
Nu zitten er dus EN een dikke bleke bangige postbode EN een dikke bolle bakker met rode wangen EN een dikke groene rups in de perenboom van oma Mies en oma Muk. De omaatjes staan onder de boom en moeten er eigenlijk wel om lachen. Maar hoe krijgen we die dikke postbode en die dikke bakker er nou uit? Fluistert oma Mies tegen oma Muk. Ze besluiten te wachten op Roza.
Als Roza na school door het hek de tuin van oma Mies en Muk binnen komt ziet ze iets heel geks. Oma Muk en oma Mies zitten op de grond met hun rug tegen de stam van hun perenboom en ze lijken te slapen. Maar in de perenboom hoog boven de grond ziet ze nog iets veel gekkers. In de perenboom tussen de frisse sappige groene blaadjes en de wolken witte bloesems zitten En een dikke bleke bangige postbode Olle EN een dikke bolle rode bakker Panne met een scheur in zijn geruite bakkersbroek. Wat is hier gebeurt? Roept Roza. Oma Mies, Oma Muk wat doen jullie nou? Oma Mies doet haar ogen open en Oma Muk doet ook haar ogen open en ze zegt, er zit een dikke groene rups in de perenboom en die eet al onze bloesems op. Dan hebben we in de zomer geen gouden blozende peertjes geen perentaart geen perensiroop en geen perenjam!
Postbode Olle heeft hem eruit willen halen maar de ladder brak. Toen kwam bakker Panne en hij wilde Olle en de rups er ook uit halen en heeft de ladder gemaakt maar hij is toen ook weer door de ladder gezakt. En nu, fluistert oma Mies, zitten er dus drie dikke heren in onze perenboom Een postbode een bakker en een rups. Roza kijkt nog eens in de boom. Postbode Olle ziet ze wel en bakker Panne ook maar waar zit die rups dan toch? Ze tuurt en tuurt maar ze ziet helemaal geen rups. Maar eh, zegt ze, waar zit die dikke rups dan? Ik zie helemaal geen rups. Oma Mies en oma Muk staan nu ook te turen ze zien de rups ook helemaal niet meer. Roza haalt een stevige ladder bij de buren verderop en helpt Olle en Panne naar beneden. Oma Mies en oma Muk zoeken nog steeds tussen de takken naar de rups. Maar hoe vaak ze ook om de boom heen lopen en met hun hand boven hun ogen naar boven turen ze zien de dikke groene rups nergens meer. Ze snappen er niets meer van. De rups is weg en er zijn nog meer dan genoeg bloesems over om komende zomer heerlijke blozende gouden peertjes te worden.
Om een beetje van de schrik te bekomen eten ze met z’n allen lekkere warme broodjes met perenjam en drinken ze hete zoete rozenbottel thee aan een tafel onder de prachtige perenboom. Oma Mies maakt de gescheurde broek van bakker Panne die in zijn lange rode bakkersonderbroek zit te genieten van een knapperige krakeling. Ze kunnen nu wel lachen om hun avontuur in de perenboom. Oma Muk en oma Mies begrijpen alleen niet wat er nu eigenlijk met de rups gebeurt is. Die heeft zoveel gegeten en is nu opeens weg. Toch wel een beetje raar vinden ze.
Als de thee op is en de broek gemaakt moeten postbode Olle en bakker Panne weer aan het werk. Bakker Panne merkt dat hij zijn bakkersmuts nog niet terug heeft. Hij zoekt in het gras onder de perenboom en jawel daar ligt zijn witte bakkersmuts. Als hij hem op zijn hoofd zet en zich omdraait om Roza en de oma’s gedag te zeggen ziet hij dat ze hem met open mond staan aan te staren. Hij wordt nog roder dan hij al is en vraagt; waarom kijken jullie zo naar mij?
Roza stammelt ‘op je muts Panne,op je muts. Voorzichtig haalt Panne de bakkersmuts van zijn hoofd en wat zit er op zijn bakkersmuts. Nou wat denk je? Op de bakkersmuts van Panne zit de mooiste en dikste en grootste vlinder die je je maar kunt voorstellen. Hij is prachtige geel met oranje. Hij lijkt wel van goud! Nee maar, zegt oma Muk die meteen begrijpt wat er gebeurd is, ik wist niet dat je van het eten van perenbloesem zulke mooie gouden blozende vlinders kreeg. Ja, zegt oma Mies volgende keer zullen we de rupsen maar gewoon laten smikkelen dan hebben we in de lente gouden blozende vlinders en in de zomer gouden blozende peertjes. Ze moeten er allemaal om lachen en de vlinder? Die vliegt van Pannes muts naar de top van de perenboom om op een witte bloesem zachtjes in de zon te wiegen op een lentebriesje.
En weet jij ook wat er gebeurd is?
copywright. Fcomp. 2008
een tijd lang heb ik geschreven over de voorvallen die ik mee maakte met de kinderen. Het geeft je een goed beeld van hoe een dagelijkse dag eruit ziet en wat er zoal langs komt vliegen met een dan wel twee kinderen in huis. Zo ben ik van dagboeken opeens overgestapt naar schrijven. Is anders en toch ook niet. Het zijn registraties voor het leven. Voor Meine en Daaf nu al een genot om naar te luisteren. Zou ze graag elders uitbrengen. Voor nu op hun hyve.
Meintje krijgt een broertje
Het is mei en Meintje speelt lekker buiten op de stoep. Mama zit op een stoeltje want ze heeft zo’n dikke buik dat ze niet meer op de grond kan zitten. In die dikke buik zit een baby. Dat heeft mama haar verteld maar Meintje kan zich niet zo goed voorstellen dat er een baby in zit. Hoe kan dat nou passen een hele baby in je buik?
Meintje weet wel zeker dat er iets spannends gaat gebeuren want haar hele kamer is verhuist naar een grotere kamer met een eigen boekenkast en een nieuwe oranje klerenkast. Al haar knuffels en ook haar bedje staan daar nu. Het is een hele mooie en leuke kamer en Meintje is er erg blij mee. In haar andere kamertje staat nu een wiegje met zachte lakentjes en een dekentje en er staat een reusachtige giraf naast de wieg op de grond. Die is heel erg zacht en je kunt er heerlijk op liggen. Die is voor je broertje of zusje heeft mama tegen haar gezegd. Meintje vond het wel een beetje jammer dat de giraf niet voor haar was maar ze is zo blij met haar grote kamer met echt gras op de vloer van groen tapijt, geknipt door mama, waarop haar houtenboerderij staat dat ze het niet zo heel erg vond.
Nu zitten ze op de stoep in het zonnetje. Meintje maakt samen met de buurmeisjes Lisa en Sem mooie krijttekeningen op de stoep in groen en geel een roze. Ze heeft al wolken gemaakt en regenbogen. Ze zit heel erg haar best te doen. Wel zo erg dat het puntje van haar tong naar buiten steekt. Mama heeft haar handen op haar dikke buik gelegd en zegt tegen Meintje, he Meintje de baby schopt wil je voelen?’ Dat wil Meintje wel en de buurmeisjes willen ook allemaal wel even voelen. Als ze hun handen op mama’s buik leggen voelen ze iets bewegen. En plof daar duwt iemand tegen Meintjes hand. Meintje is verbaast. Ze kijkt mama aan. Mama je doet poef? Dat Mein is de baby die je even gedag komt zeggen. Het duurt nu niet zo lang meer en dan heb je een broertje of zusje. Ohh zegt het buurmeisje, net zoals ik heb? Ja net zo als jij Lisa , zegt mama. Mama’s buik blijft nog even bewegen en dan houdt het op. Ik denk, zegt mama, dat de baby weer in slaap gevallen is. De buurmeisjes gaan verder met krijten maar Meintje besluit dat ze toch even iets tegen de baby van moet zeggen. Ze zegt tegen de buik, bahbiee je moet mama niet schoppen hoor. Mama lacht, het is niet erg hoor Mein het doet geen pijn. Maar Meintje vindt het toch wel een beetje stom dat de bahbie mama schopt en dat haar buik zo bobbelt. Als het zonnetje achter de wolken verdwijnt gaan ze naar binnen.
Mama zucht en moppert als ze de spullen van de grond opraapt en de stoel naar binnen sjouwt, pffft van mij mag je wel komen hoor kleintje ik kan niet eens meer bukken. Meintje helpt mee met opruimen want ze ziet wel dat mama bijna niet meer bij de grond kan komen.
Als mama in de keuken staat te koken zit Meintje voor de televisie. Ze hoort mama roeren in de pannen en rommelen met het bestek. Mein help je even met tafeldekken? Dat wil Mein wel. Ze staat op en helpt met haar eigen bestekje naar de tafel brengen en de servetten. Mama loopt achter haar aan met de borden, het grote mensen bestek en de glazen. Ojee ben ik bijna vergeten dat oma komt eten Mein. Mama loopt terug en haalt nog een bord en een bestek en een glas. Zo anders zou oma uit de pan moeten eten. Haha lacht Meintje dat mag toch helemaal niet. Nee, dat klopt, dus is het maar goed dat we er nog een bord bij hebben gezet. Oeps, mama staat opeens stil en houdt haar buik vast. Schopt de bahbie, vraagt meintje. Nee, zegt mama, dat is het niet want dit doet wel een beetje pijn.
De bel gaat. He Mein doe jij even open ik denk dat het oma is. En ja hoor Oma staat op de stoep. Gezellig is dat. Aan tafel heeft mama niet zo veel trek en ze zit veel over haar buik te wrijven. Wat is er mama, vraagt Meintje, ze is een beetje bezorgt want mama kijkt niet helemaal blij. Nou, zegt oma, misschien dat je broertje of zusje er wel uit wil. Meintje zet grote ogen op, eruit wil? Hoe bedoelt oma dat nou? Zomaar eruit, uit de buik van mama? Mama moet nu toch wel een beetje lachen. Ja wat dacht jij dan dat de baby altijd in mama’s buik zou blijven zitten? Dat kan toch niet hoe moet dat dan met het wiegje boven daar moet toch iemand in gaan slapen? Jij past er niet meer in? Tja dat was waar daar had Meintje eigenlijk nog niet over nagedacht. Ze neemt een hap van haar worst. Maar, zegt ze met haar mond vol, whoe kompt de baboe er dan uiwt? Tja daarover moet mama even nadenken. Dan zegt ze, beneden tussen je benen zit een gaatje waaruit je plast weet je wel, toch Mein? Ja dat weet Meintje wel ze heeft een keertje uit dat gaatje zomaar op de badmat geplast. Nou zegt mama de baby komt uit een gaatje dat lijkt op het gaatje waaruit je plast maar dan zit het een stukje verderop. Hu? Meintje snapt het niet zo heel goed. Ze kijkt mama en oma opeens verschrikt aan, komt er bij mij dan ook een babhie uit? Nee hoor Mein, lachen mama en oma nu, bij jou komt er alleen plas en geen baby uit. En natuurlijk heb je gewoon een poepgaatje voor de poep, vulde mama aan die al zag dat Meintje zich afvroeg waar de poep dan toch vandaan kwam. Meintje knikt. Mama trekt opeens weer een ernstig gezicht. He bah, zegt ze, nu kan ik weer niet eten. Tegen haar buik moppert ze, of je komt eruit vandaag of je laat me eten. Als ik niet kan eten dan heb je een chagrijnige moeder hoor! Oma vraagt, denk je dat het weeën zijn? Meintje zit stil te luisteren wat zijn nou weer weeën. Ze besluit dat toch even aan oma te vragen en die legt uit dat een baby krijgen hard werken is voor de mama en de buik van mama. Weet je Mein zegt ze, als ze niet goed kan poepen dan moet je soms ook hard drukken he. Dat weet Mein wel. Nou, Zegt oma, dit is net zo iets. De buik van mama moet hard drukken om de baby eruit te krijgen en dat heet weeën. Meintje weet niet of ze het helemaal snapt maar wel een beetje denkt ze.
Ze eet verder en denkt na, zou de baby er zomaar uitkomen tijdens het eten vraagt ze zich af? En waarom kan mama nou niet gewoon ook haar bordje leeg eten. Mama eet eigenlijk al een paar avonden haar bordje niet meer leeg bedenkt ze. Mama wrijft over haar buik. Ik weet het niet zegt ze tegen oma, hij is steeds onrustig als we gaan eten maar of het nou echt zo ver is weet ik niet. Als oma en mama afwassen zit Meintje op de bank naar de televisie te kijken. Maar ze kijkt niet echt ze kijkt steeds naar mama in de keuken. Soms gromt mama als ze weer pijn in haar buik voelt. Ze zei vanmiddag wel dat de babhie geen pijn doet maar nu lijkt het er wel op. Ze wrijft over haar bolle buik en stopt soms met afwassen. Oma moppert dat ze op de bank moet gaan zitten maar daar heeft mama helemaal geen zin in. Meintje voelt een kriebel in haar buikje er is iets heel spannends aan de hand maar ze weet eigenlijk niet zo goed wat. Als papa thuiskomt ligt mama met Meintje op de bank en ze kijken samen naar een film over Poeh. Mama vond het goed dat Meintje wat langer wakker bleef. Dat vind ik wel gezellig Mein, had mama gezegd, en het leidt me een beetje af als we dan film gaan kijken. Papa kijkt verbaast naar de bank. Zeg dame, moet jij niet allang in je bed liggen. Meintje springt van de bank en hangt in papa’s benen nog voordat papa zijn tas heeft neergezet. Hij valt bijna op de grond. Papa, roept Meintje, Papa misschien komt de bahbie wel mama’s buik is steeds net een harde trommel. Haha mama lacht vanaf de bank en Oma, die in de keuken thee aan het zetten is, moet ook lachen. Maar papa begrijpt heus meteen wat Meintje bedoelt. Hij kijkt mama aan. Denk je echt dat het vanavond zover is? Mama haalt haar schouders op, ik weet het niet het is wel erg onrustig in mijn buik. Nou Mein, zegt papa en tilt haar van de grond de lucht in, misschien moet jij dan vanavond maar met oma mee om daar te slapen? Nee hoor, zegt mama vanaf de bank, dat hoeft echt niet.
Het is elke avond al feest hier in mijn buik en als er helemaal niets gebeurt dan zit Meintje straks dagenlang bij oma. Mijn meisje gaat gewoon haar eigen bedje in. Papa brengt Meintje naar bed. Samen kijken ze nog even in de logeertas van Meintje of alles er echt inzit voor het geval ze toch opeens naar oma gaat logeren. Haar pyjama en knuffels en een boek. Een tandenborstel en kleren en een kadootje in glimmend papier. Dat zit al maanden in haar tas maar mama en papa hebben gezegd dat ze dat pas open mag maken als de baby er is. Meintje ligt in bed. Ze kan niet slapen en kijkt heel lang naar het plafond en het licht dat onder haar deur door komt en ze luistert naar de stemmen van papa en mama en oma beneden in de kamer maar er gebeurt niets. Uiteindelijk valt ze in slaap.
Opeens is papa in de kamer. Mein, fluistert hij, wakker worden opa is er om je naar oma te brengen. Meintje wrijft in haar oogjes. Naar oma met opa? Waarom ze is nog zo moe? Dan opeens is ze klaarwakker. Naar oma met opa?! Dan ga je opeens logeren en dan is het misschien toch zo dat de babhie komt. Heb ik al een broertje, fluistert ze naar papa. Papa glimlacht, nee Mein nog niet, maar ik denk dat het niet zolang meer zal duren voordat je een broertje of zusje krijgt. Meintje zit in haar pyjama op het grote bed van mama en papa en mama kijkt een beetje moe maar is wel vrolijk. Spannend he Mein, zegt ze terwijl ze Mein in haar kleren hijst. Misschien is de baby er morgen wel. Ja, knikt Mein het is best wel spannend. Opa komt de trap op lopen. Hij ziet er wel een beetje slaperig uit. Mama geeft Mein een dikke zoen en gaat weer liggen. Daag liefje, zegt ze tot morgen. Meintje hangt op de arm van opa en buiten is het heel erg koud. Papa geeft haar snel een kus op haar koppie en dan gaat ze de auto in op weg naar oma. Bij oma kan Mein niet meer slapen en samen met Oma speelt ze nog een hele tijd ‘koffie en thee’ voordat ze haar bedje in gaat. Opa en oma zijn ook niet erg slaperig meer en hebben het over de baby en mama en dat het allemaal maar goed en snel mag gaan. Meintje is nog steeds wel zenuwachtig maar toch zo moe dat je tussen de lakentjes in haar bedje in oma’s kamer in slaap valt.
De volgende morgen is oma al wakker als Meintje wakker wordt. Ze weet even niet meer waarom ze nou niet thuis is. Oja de bahbie. Oma, roept ze, OOOOOhhma. Ze hoort oma beneden bezig in de keuken. Ja Mein, ik kom eraan, roept oma terug. Als oma de kamer binnenkomt ziet Meintje dat er tranen in oma’s ogen zijn. Meintje schrikt een beetje. Waarom huil je oma, vraagt ze? Omdat ik ZOOOOO blij ben Meintje je mama heeft een baby gekregen vannacht. Meintje springt bijna uit haar bedje. Waar is mama dan, vraagt ze. Mama is thuis in bed en opa komt hierheen zodra je je kleren aan hebt en we ontbeten hebben. Zegt oma. Meintje vliegt bijna haar kleren in en eten gaat helemaal niet ze heeft geen honger. Ze wil alleen maar naar mama toe. Als de auto van opa met oma en Meintje erin voor de deur van haar huis stopt wiebelt Meintje heen en weer in haar autostoeltje, ze wil eruit! Binnen in het huis is het stil. Er loopt een vreemde mevrouw in een witshort in de woonkamer. Hoi, zegt de mevrouw, ik ben Tilly de kraamverzorgster en ze geeft oma en opa een hand en Meintje een aai over haar bol. Jij zal wel benieuwd zijn naar de baby he kleine? Meintje knikt. Wat staan ze hier nou te praten ze wil naar boven. Opa snapt het en tilt haar de trap op. In de deuropening van de slaapkamer van papa en mama staat ze even stil en gluurt om het hoekje. Mama ligt in bed en ziet een beetje wit, net alsof ze de griep heeft, maar ze lacht. Hoi liefje ben je daar eindelijk kom je snel kijken? Meintje klimt op het bed en wat ziet ze daar naast mama liggen? Een klein heel klein kindje met een roze gezichtje en blauwe kleertjes aan en een mutsje op. Mama geeft haar een kus, je hebt een broertje Mein, zegt ze, hij heet Daaf. Meintje kan alleen maar kijken naar dat kleine kindje dat naast mama in bed ligt. Daaf mompelt ze, hij heet Daaf. Dan kijkt ze naar mama. Hij is zo klein mama net een kaboutertje. Mama en papa en oma en opa moeten allemaal lachen. Ja zegt mama, net een kaboutertje, een heel lief kaboutertje en hij is jouw broertje. En jij Mein jij bent zijn grote zus, zegt papa nu achter haar. Grote zus dat klinkt best belangrijk denkt Meintje. Dag daaf zegt ze tegen het kaboutertje en geeft hem zacht een kusje op zijn neus. Daaf glimlacht.
´hallo halloohoo ik ben een oliflants´. daaf stampt door de kamer met een kerstservetje opgerold aan zijn neus. ´wat ben je:´´ik ben een oliflants..´. en hij slaat op zijn nieuwe trommel.
Tweede kerstdag en vandaag hebben we er drie hier...altijd 3 dagen.. 2 was veel te kort.. vandaag geschaatst. Meine voor het eerst en met een uurtje komt ze al heel aardig achter een stoeltje vooruit. recht op haar schaatsen en links rechtsritme.. als je maar op je schaatsen let meine dan gaat het helemaal perfect. zodra ze op haar omgeving gaat letten vliegt en zwabbert ze onderuit..
Daaf is niet echt te vreden hij kan nog steeds niet schaatsen...niet zoals Meine. tja hij moet nog even oefenen. en hallo daaf Meine is ouder dan jij. Maakt hem geen knal uit. hij wil het net zo goed kunnen.
komt wel daaf echt waar.
´ik ben een oliflants´.´en je eet garnalen van de rozenkrants´. . hij ligt dubbel. Daaf zijn ogen glanzen in het licht van de kerstboom. In de nachtmis viel hij inslaap. En daarna vertelde hij terwijl de kaarsjes aan staan te steken bij maria tegen een kerkganger+ ´ik ben jozef..´en dat klopt. Daaf Illias Jozef... en Jozef droeg ook een jurk.. zie je wel Daaf die speelde ook prinses.
en nu bellen blazen in de chocolademelk. Daaf blaast bellen en luistert tegelijk naar het verhaal..en rommelt met zijn tenen op mijn hand..friemelt tussen mijn vingers met zijn teentjes... niets moeilijks aan. gek he dat dat veranderen gaat. Naar het schijnt. ik geloof er niets van. het hefet te maken met karakter. En jozef en Illias bij je dragen en down to earth Daaf, al is het dan wel van david afkomstig... ik denk dat hij het gewoon zal blijven kunnen, multitasken.
het liefst zou hij er ook nog bij schaatsen.. en ik denk dat hij dat nu zit te bekijken hoe dat ging vandaag terwijl hij met al die andere dingen bezig is. ´oma waarom moet de engel nou eigenlijk huilen´. mocht ik nog twijfelen of hij wel iets oppikt van het verhaal dan is dat ook verholpen.
Oma leest voor en de openhaard is aan.
Ik wil liever verdijnen in een vlammetje..aan mijn namen heb ik niets. oliflants in vlammendans...eet garnalen van de rosenkrant die meine brengt met de elven dan zo maakt een olifants de kachel an....
xmama
xk
Prins pepernoot.. in blauwe broek staat buiten op ´t balkon
Een beetje vogeltjes te tellen in de warme zomerzon
Hij wil eigenlijk stiekem dat het zomaar 5 december is
Hij vindt de zon wel leuk maar ‘t zijn de pepernoten die hij mist
Prinspepernoot is namelijke gewoon verschrikkelijk verzot
Op knapperige pepernoten eet zich rond… hij eet zich rot
Aan noten groot met chocola of van die harde noten klein
Eigenlijk wil prinspepernoot gewoon een pepernotenpietje zijn
En daar staat hij dan daar in de zon te dromen op het balkon
Kijken of de herfst of winter starten wil ooh als dat toch kon
Dat opeens de blaadjes vallen en de wind de sneeuw de zon gewoon
Maar hij is geen pietje kan niet toveren hij is getverdrie een koningszoon
Dus mag hij lekker spelen en dollen in het gras met gouden ballen
En tafelvoetbal spelen en ranja drinken de hele gang door brallen
S´avonds 86 hapjes van de speciale chinese kok een beetje prikken
Met een gouden vorkje en dan stiekem alles onder tafel mikken
Prinspepernoot heeft helemaal geen zin ,hij wil het niet
Hij wil pepernoten strooien samen met de pepernotenpiet
Heel precies leren echt leren of hoe je zoiets doet
Want als koningszoon doe je altijd aaaaltijd alles goed
Prinspepernoot is netjes reuze slim en ook heel wel bespraakt
Vraagt altijd of iets mag en braaf of ´t wel heeft gesmaakt
Dat vindt hij reuze stom en dom alleen laat hij het niet merken
Dus dan achter het gordijn gna gna de muur met stift bewerken
´Wie heeft dat hier gedaan´ klinkt dan de stem van zijn kamerjuf
Prinspepernoot zit in zijn gouden luiestoel en kijkt alleen maar suf
De kamerjuf brult stampt en tiert ´ALWEER EEN WITTE MUUR VERPEST!´
Prinspepernoot staat op en zegt ‘ DAN VERF JE TOCH DE REST?!’
‘In blauw of rood of met bloemen of race auto’s of met nog meer PEPERNOTEN!..
Oeps’. Dat had hij geloof ik niet moeten zeggen wat denk jij?
Prinspepernoot maakt het niet uit van ´t tekenen heeft hij GEWELDIGGENOTEN!
er was eens een kasteel. Geen groot kasteel ofzo hoor. en ook niet klein..eigenlijk was het precies goed.
In dat kasteel woonde een kleine prins en een prinses. ze hadden een grote wens. geen computer geen taart van drie verdiepingen en ook geen nieuwe playmobile.. neehee zij wilde een gouden WC! eentje met een roze bril en diamanten en glimmers en glitter en goud.
de koningin vond dat wel een goed idee. op een gouwe pot zat het ook vast veel beter. Alleen hoe kom je aan een gouden WC? tja.. met z'n drieen zaten ze op de bank. 'mama?' 'ja kleine prins'. 'wat als we verf gaan halen?' 'ja ja dat is de oplossing'brulde de kleine prinses. 'gewoon verven'. 'hmm'de koningin pakte de telefoon. 'moeten we wel zeker weten dat de winkel gouden verf voorop een WC verkoopt, je kunt niet alle verf gebruiken op een pot'. dus ze belde en ze belde wat af...overal hadden ze wel goud verf voor op papier of hout of plastich of metaal, maar nergens verf voor op een WC pot.'NOU!'mopperde de prinses..'waarom hebben ze dat nou niet?' 'ja stom hoor'de kleine prins keek ook kwaad. de koningin was moe van het bellen.. zo ging het niet lukken. dus wat nu gezongen? 'misschien misschien'de konigin liep opeens de kamer uit..
kleine prins en prinses rende achter haar aan. wat ging ze nou doen? De koningin lette niet echt op hen en beende de voordeur uit hup de straat op.
'mama wacht even je hebt je kamerjas nog aan!' de prinses greep de jas van haar moeder... 'waaaacht nou even, ik kan niet zo snel lopen, je loopt als een kieviet'.
De koningin draaide zich om 'eh ja sorry ik heb opeens een ideetje en wilde even kijken of ik het vinden kon op straat'. 'wwaahatat voor ideetje, dan dan mam' kleine prins was inmiddels ook bij hen. hij stond te hijgen want hij had heeel hard moeten lopen. 'wacht even' de koningin speurde de stoepen af.. 'tis toch vuilnisdag vandaag.. was is alle vuilnis?'
'wat zeg je mam? de prinses begreep er niets van.. en opeens sprinte mama weer weg..'ja zie je wel ik wist het wel.. 'de koningin rende de hoek om.. en nog voordat de kleine prins en prinses achter haar aan rende was ze al weer terug. In haar armen een grote rol glimmend goud! wat was dat nou..
in de kamer legde mama de rol op de grond.
'zo nu kunnen we de muren vand e wc goud maken dat is al een goed begin, vinden jullie ook niet?'
de kleine prins rolde de rol een stukje af.. 'nee is dit geen muur dit is een tapijt..een tovertapijt'. de koningin bekeek de rol nu nog eens wat beter. 'weet je ik denk dat je helemaal gelijk hebt, het is een tovertapijt..'ze rolde de rol af en door de hele kamer lag er nu een gouden glimmend tapijt. het flonkerde en glom zo vrolijk. 'als jullie nu dit tapijt eens even gaan inrichten dan kunnen we straks op reis, ik ga me even aankleden'.
en zo was er is het er was eens kasteel dan nog wel geen gouden pot maar wel een gouden tovertapijt. en je weet maar nooit waar je allemaal heen kunt op zo'n tapijt.
Lange vingers - 2 wolkentoetjes van Altijd Hemels -Poederchocolade (dat hazenpoeder of gewoon LEKKERE DONKERE ZOETE cacao) - siroop, liefst de kindergezond variant in de smaak mandarijn passievrucht, is fris en fruitig tikkeltje zoet zuur, waar je mond van volloopt ja die ja… proef je al?
Plakjes zoete appel of ander fruit kijk maar wat het seizoen te bieden heeft. En dan?
Zoek dat maar even uit… remember lekker is maar een vinger lang dus niet TE veel lange Vingers ja of wel...
en adners weten de kids er wel wegmee.. op voor je het weet
P.s let je even op de winkelmuziek morgen liefje toetje ... is nu echt een liedje voor jou?
"mama?''Ja Daaf' "ik wil pinkpongen.." "wat wil je?' 'PInK PONGEN" '[ ehh waar dan?' 'nou op de complutur' 'ehh dat hebben we niet op de computer' 'WEL WAAR!' "oke hoe ziet het er dan uit?' 'nou met balletjes en knopjes onm te schieten'. 'oh je bedoeld def flipperkast' 'NEEHEE dat met die balletjes!' 'Ja dat is de flipperkast dta je ze terug moet schieten' 'nee ja maar dat heet pinkpongen' 'oke'.
'als je op je gat gaat zitten dan start ik het wel even op!'.. 'daaf? op je GAT' ....'joehoe Daaf? ga even op je gat zitten want ik kan er zo niet bij'......... 'Jezus DAAF GA op je GAT ZITTEN!'... "HALLOOOHOO BANANEN UIT DEN OREN IK DOE HELEMAAL NADA ALS JE NIET OP JE GAT GAAT ZITTEN!'....'het duuurt zo laaang'. (hmm heb ik dat nou alleen of is het niet zo heel ongebruikelijk dat momenteel mijn humeur een beetje ...) 'tja dat kan je zo hebben met ouwe pc's. Die zijn erg traag van begrip dus Daaf gewoon wachten tot ie klaar is met denken'. 'pfffff dat duurt lang hoor'. 'je hoort hem toch werken dat gebrom.. motor..brrrrrmmm...' 'haha net de auto van maaamaa alleen is dat een vliegtuig'.
'Daaf?' "ja mama' "Mag ik een kus?"
"tuuuuurlijk.." "mama vind je lief?'
'ja mama vindt mij lief'.'mag ik n u met de brandweerauto's spelen'
'kijk het is klaar doe jij de linker flipper dan doe ik de rechter' 'JAAA!'
'zijn we net een vliegtuig' "heu .. gekke mama'.
X
K